» Informatie aanvragen


» Offerte aanvragen


HOUTAANTASTENDE INSECTEN
Vermoedt u aantasting door houtborende insecten? 

Boktor  Houtworm
Spinthoutkever  bonteknaagkever

VRAAG EEN GRATIS INSPECTIE AAN!

> Bel direct
> Inspectieformulier
> gratisinspectie@vanmeijel.com

Insecten

Mieren

Uiterlijk
• De werksters van tuinmieren zijn alle 0.4 tot 0.5 cm lang (Alleen de glanzende houtmier is meestal iets forser tot ca. 0,5 cm) en de antennen zijn altijd geknikt.
• De koninginnen zijn gevleugeld en groter dan de werksters.
• Ook de mannetjes zijn gevleugeld, maar kleiner dan de werkster.
Leefwijze
• Koninginnen en mannetjes ondernemen met grote aantallen tegelijk in de zomer een bruidsvlucht, de koninginnen gaan nieuwe nesten inrichten.
• De mannetjes sterven na de bruidsvlucht, de koninginnen gaan nieuwe nesten inrichten.
• Tuinmieren voeden zich met andere insecten en met zoetigheid. Zo verzamelen ze bijvoorbeeld honingdauw, een uitscheidingsproduct van bladluizen.
• De glanzende houtmier heeft vaak nesten in rottend hout onder de grond.
• Mieren nesten vooral buiten, van waaruit de werksters soms terecht komen in woningen.


Vlooien

Uiterlijk
• De kattenvlo is zijdelings afgeplat, lichtgeel tot zwart, vleugelloos en heeft goed ontwikkelde springpoten.
• De zelden voorkomende hondenvlo heeft nagenoeg hetzelfde uiterlijk. Het verschil zit hem in de lengte van de eerste wangtandkam. Bij de hondenvlo is de eerste wangtandkam ongeveer half zo lang als de tweede; bij de kattenvlo is de eerste tand van de wangtandkam iets korter dan de tweede.
Leefwijze
• De kattenvlo voedt zich met bloed van honden of katten, bij de mens kan de kattenvlo niet overleven, maar doet wel een proefbeet.
• Leeft zowel op de gastheer (hond of kat), als in of nabij de slaapplaats van de gastheer.
• De larven leven van dode insecten en uitwerpselen van volwassen vlooien.
• Eieren worden meestal niet gelegd op de gastheer, maar ergens op de grond.


Ovenvisje

Uiterlijk
• Het ovenvisje is vleugelloos en heeft een lengte van 0.6 tot 1.3cm.
• Bedekt met fijne schubben.
• Kleur donkergrijs, donkerder dan het zilvervisje (duidelijk gespikkeld).
• Iets groter dan het zilvervisje, bovendien iets meer behaart, langere antennen en staartdraden.
Leefwijze
• Lichtschuw, verborgen leefwijze.
• Eten voornamelijk koolhydraten, voeden zich met granen, meel, stijfsel, lijm en papier.
• Ovenvisjes geven de voorkeur aan een temperatuur van 32 tot 38 graden Celsius.
• Maakt slangachtige bewegingen.

 

Mijten

Uiterlijk
• De huisstofmijt is met het blote oog nauwelijks zichtbaar; zonder poten ca. 0.4 tot 0.5mm lang.
• Wit van kleur.
Leefwijze
• De grootste aantallen mijten komen voor in het begin van de herfst.
• Huisstofmijten leven verborgen in huisstof, in vloerbedekkingen, matrassen.
• Voeden zich met huidschilfertjes van de mens.


Teken

Uiterlijk
• Volwassen mannetje lengte ca.0.3cm; vrouwtje lengte ca. 0.4cm in volgezogen toestand is het vrouwtje tot 1.1cm.
• Een gewone teek is grijs tot roestbruin van kleur, heeft 4 paar poten, duidelijk vooruitstekende monddelen en een harde huid. Het ei van de gewone teek is geel van kleur.
• Tijdens het larvale stadium is na enkele dagen een bloedmaaltijd noodzakelijk gedurende 3 tot 7 dagen; na een rustperiode van 4 weken vervelling tot nimfstadium; totale larvale ontwikkelingsduur 6 weken; bij afwezigheid van een gastheer kan de larve wel 2 jaar hongeren.
• Bij afwezigheid van een gastheer kan de nimf tot 1 jaar verhongeren.
• Volwassen dier levensduur tot ca. 3 jaar; totale ontwikkelingsduur tot 7 jaar.
Leefwijze
• Verborgen levend in een dichte vegetatie van struiken; vooral in loofbossen, grienden, gemende bossen, naaldhoutbossen met een weelderige onderbegroeiing.
• Gewone teken eten bloed van velerlei gastheren (zoogdieren, vogels en reptielen); eitjes worden op begroeiing afgezet; volwassen dier kan 8 tot 9 dagen blijven zitten.
• Verspreiding via huisdieren (hond of kat) of de in de omgeving aanwezig wilde fauna.

Kakkerlak

Uiterlijk
• Volwassen dier lichtbruin. 2 zwarte lengtestrepen op borstschild, 1 tot 1,5 cm lang excl. antennen. Vliegt alleen bij zeer hoge temperatuur.
• Nimf donkerder van kleur, geen vleugels, vervellen tijdens groei 4 tot 8 maal.
• Eipakket 0.8 x 0.3 x 0.2cm groot; bevat gemiddeld 30 eitjes.
Leefwijze
• De Duitse kakkerlak is lichtschuw en een alleseter (vochtige en verse voedingswaren).
• Kunnen 10 tot wel 40 dagen zonder voedsel.
• Leeft op donkere, warme, wat vochtige plaatsen, optimale temperatuur is 30 graden C.
• Voorkeurstempertuur 25 graden C tot 32 graden C.


Wespen

Uiterlijk
• Gele en zwarte dwarssteking op achterlijf, kop, borststuk en eerste segment achterlijf roodbruin tot donkerbruin; werksters 1.6 tot 2.5cm lang, darren 2.1 tot 2.8 cm; larven wit en pootloos.
• Op de zijkanten van de wespenkop bevinden zich grote langwerpige facetogen met aan de bovenzijde van de kop een drietal bijogen; bij de hoornaar is de kop achter de ogen sterk verbreed.
• 2 stevige zijwaarts bewegende kaken (mandibels) met daaronder monddelen waarmee de wesp kan likken en zuigen; 2 paar doorzichtige vleugels.
• Overgang van borststuk naar achterlijf sterk ingesnoerd
Leefwijze
• Bij het optreden van de eerste nachtvorst sterven de nestbewoners, behalve de jonge koninginnen.
• Wespen eten eiwit-en suikerhoudend voedsel, vooral voor het voeden van de larven.
• Hoe hoger de luchttemperatuur, des te actiever de wespen; een nest wordt gebouwd op een niet-vochtige plaats, altijd bovengronds, doorsnede van 20 tot 35 cm.
• Hoornaars kunnen schadelijk zijn voor bijenhouders (steken de bijen dood en zuigen vervolgens de honing uit hun maag).
• Hoornaars leven ook van rupsen en spinnen die ze uitzuigen; daarmee voeden ze de larven.


Vliegen

Uiterlijk
• Lengte volwassen vlieg 0,75 cm.
• Made is pootloos, ongeveer 1 cm. lang en geen kop.
• Pop: ”tonnetje” dat bruin is.
Leefwijze
• De larven van de kamervlieg ontwikkelen zich tot rottend organisch materiaal, zoals mest in stallen.
• Kamervliegen komen af op allerlei voedsel dat ze in vloeibare vorm kunnen opnemen.
• Zij besteden veel aandacht aan hun toilet: poten tegen elkaar wrijven en vleugels afvegen.
• De mannetjes sterven spoedig na de paring; de vrouwtjes echter leven 2 tot 3 maanden.
• De larve van de kamervlieg leven niet dieper in het afvalmateriaal dan enkele centimeters.


Steekmug

Uiterlijk
• Slank, minstens 0.8 cm lang, relatief lange poten;achterrand en aders van de vleugel behaart.
• Achterlijf van de steekmug is geringd; antennen van het mannetje vaak veervormig.
Leefwijze
• Steekmuggen vliegen vooral 's nachts, worden tegen de schemering actief.
• Komen voornamelijk voor in waterrijke streken met stilstaand water.
• Vooral in de (na)zomer worden steekmuggen waargenomen.
• De wijfjes van Culex-soorten overwinteren op verborgen schuilplaatsen, bijv. kelders.


Tapijtkever

Uiterlijk
• Gewone tapijtkevers zijn 1,5 tot 3,5 cm lang.
• Ovaalvormig tot cilindrisch van vorm, vaak vrij dof (zwart) gekleurd.
• Drie onscherpe brede dwarsbanden, lichtbruin wit van kleur.
• De larven zijn eivormig met een lichte beharing; aan het achterste segment staan 2 bosjes bruine haren die schuin naar achteren gericht zijn als een tentdakje.
Leefwijze
• De larven leven uitsluitend van dierlijke producten.
• Volwassen gewone tapijtkevers zijn bloemzoekers en leven van nectar en stijfmeel.
• De kevers kunnen zeer goed vliegen; de larven kunnen grote afstanden in een woning afleggen (het kan moeilijk zijn om de bron op te sporen).
• De kevers leven bij voorkeur in een droge omgeving.